woensdag 29 april 2015

Als een enge droom

LILY (Martha Verschaffel)
Boeken zijn net als mensen. Ze geven zichzelf niet altijd meteen prijs. Daar moet je eerst wat moeite voor doen. Zo'n boek is Lily. Het is een niet al te dik boekje met weinig tekeningen en nog minder tekst dat je vrij snel kunt doorbladeren. Maar dan doe je jezelf tekort. Verschaffel nodigt je uit om goed te kijken, details in je op te nemen en het boekje een paar keer ter hand te nemen. Dan zal het verhaal zich gaan ontvouwen.

Met Lily debuteert Martha Verschaffel, nadat ze eerder al wat korte verhalen had getekend voor een aantal tijdschriften en uitgaven in eigen beheer. Het is een opvallend boek, niet alleen door het verhaal, maar ook door de manier van werken en de uitvoering van het boek. Verschaffel werkt graag met potlood, ze schetst niet en aan de uiteindelijke pagina's kun je vaak nog zien waar ze gom heeft gebruikt of heeft geknipt en geplakt. Het boek heeft geen rug zodat het bindgaren en de lijm te zien is.
Lily is een verhaal over drie zussen die bij elkaar wonen. Hun rustige leven wordt bedreigd als iemand (een man? Een vos?) hun huis binnendringt. Daar zet Verschaffel in feite de gebeurtenissen stil om vanuit verschillende perspectieven de handelingen van de drie zussen te beschrijven. Lily is de jongste en haar twee oudere zussen proberen haar te beschermen. Door planten voor de deur te zetten, door haar achter het gordijn te zetten. Het zijn zinloze acties.
Lily heeft een beklemmende sfeer. Er is voortdurend het gevoel van dreiging als in een enge droom. In zekere zin is dromen ook het thema van Lily. Ook in dromen volgen scènes zich immers niet op een logische manier op en verschuiven perspectieven. En net als wanneer je uit een droom ontwaakt blijf je nadat je je ogen weer opslaat van het boek zitten met de vraag of het nu echt was of een droom.
Bries 2015                 120 pagina's, zwart-wit;paperback; € 20,00                               ☺☺☺☺

vrijdag 24 april 2015

CLOSE-UPS VAN NAAKTE JONGEMANNEN

SPARTA DEEL 1 en 2 (Christophe Simon & Patrick Weber)

De stripverhalen van Jacques Martin worden onder andere gekenmerkt door de nogal statisch getekende personages. Een ander stijlkenmerk van Martins historische reeksen is de strakheid van de pagina's. Waar andere tekenaars in de jaren zeventig volop experimenteerden met hun pagina-indeling hield Jacques Martin stug vast aan de conventies van de Europese strip. Wat voor hemzelf gold, geld ook voor de mensen de tijdens en na zijn leven werken aan de door hem bedachte reeksen.
Het is interessant om te zien wat deze tekenaars doen als ze los van de erfenis van Jacques Martin hun eigen ding kunnen doen. Van de tekenaars die Alex van Jacques Martin overnamen is Christophe Simon wellicht de meest getalenteerde, Sparta is zijn eerste eigen reeks. Hij koos voor een historische setting en dus wordt Sparta, of hij nu wil of niet, met Alex vergeleken.
Overeenkomsten zijn er zeker. Simon is even nauwgezet als Jacques Martin wanneer het gaat om het weergeven van historische gebouwen, decors en kostuums. Het verschil zit hem vooral in de vrijere manier waarop Simon in Sparta omgaat met de indeling van de pagina's. Die is veel dynamischer en gevarieerder dan bij Alex. Nog een verschil is de veel minder verhulde homo-erotiek. Christophe Simon heeft er duidelijk plezier in om close-ups van naakte jongemannen te tekenen.
Het belangrijkste personage in Sparta is de Heloot Diodoros, een succesvolle premiejager. Hij wordt door koning Nabis ingezet om een tegenstander op te sporen en uit te schakelen. Agesilaüs leidt een opstand tegen de koning van Sparta. Diodoros weet de opstandelingenleider te vinden maar komt voor een verrassing te staan die ook hemzelf raakt. Sparta heeft een goede plot en deze eerste twee delen maken nieuwsgierig naar het vervolg en slot. Als deel drie even sterk wordt als de eerste twee hebben we hier te maken met een uitstekende serie die vooral liefhebbers van historische strips en mooie (getekende) jongens aan zal spreken.
Dark Dragon Books 2015
48 pagina's er deel, kleur; softcover; € 9,50

☺☺☺☺

maandag 20 april 2015

Een bron van ellende

DE BANK DEEL 1 en 2: 1815-1848 (Boisserie, Guillaume en Maffre)

Sinds een aantal jaren is de wereld van het grote geld een geliefd onderwerp voor schrijvers van stripverhalen. Van Hamme was een soort voorloper met Largo Winch, maar na de financiële crises van de afgelopen jaren kun je een boekenplankje vullen met strips over geldzaken: I.R.S. , Bankgeheimen, Shadow banking... Meestal zijn dat thrillers die zich afspelen in onze tijd. Boisserie en Guillaume pakken het anders aan.
In De bank nemen ze een duik in de geschiedenis van het bankwezen aan de hand het (fictieve) bankiersgeslacht de Saint-Hubert. Boisserie en Guillaume laten de geschiedenis van het bankbedrijf beginnen in 1815 in Londen. Nathan Rothschild verdient kapitalen op de beurs door te speculeren op Napoleons overwinning bij de slag om Waterloo. Wat de beurshandelaren niet weten is dat Rothschild insidersinformatie krijgt waaruit het tegendeel blijkt. Met helt geld dat hij zo verdient wordt het nog altijd bestaande bankiershuis van Rothschild gevestigd.
Charlotte en Christian de Hubert zijn twee Franse aristocraten die na de Franse Revolutie berooid in Londen terecht zijn gekomen. Charlotte verdient wat geld door zich in rijke milieus te prostitueren. Via de contacten die ze daar heeft komt ze achter Rothschilds plannen. Ze berooft met haar broer een van haar klanten en met het geld dat ze stelen gaan ze naar beurs. Dat levert een fortuin op, de bron van hun bankbedrijf en van een hoop ellende.
Het tweede deel van De bank speelt zich tien jaar later af in Parijs. Charlotte keert als eerste terug en probeert gebruik te maken van een schadeloosstellingsregeling voor emigranten. Ze bouwt een aardige praktijk op als financiële adviseur. Maar wat ze niet weet is dat haar broer ook terug is in Frankrijk en haar op allerlei manieren dwars zit. Haar partner in crime is een felle tegenstander geworden.
Een familiekroniek in stripvorm is geen nieuw idee, het begon allemaal heel succesvol met De meesters van de gerst en daarna kregen we onder andere nog een geslacht van wijnboeren, sigarenhandelaren en nu dus bnakiers. Dat niemand daar ooit eerder op is gekomen. De bank is uitstekend gedocumenteerd en in de boeken is een uitgebreid achtergronddossier opgenomen. Dat je overigens niet hoeft te lezen om het verhaal te kunnen begrijpen.
De eerste twee boeken verschijnen tegelijkertijd en Boisserie en Guillaume willen het tempo er in  houden, dus werken ze voor elke cyclus samen met andere tekenaars. Voor de eerste boeken is dat Julien Maffre, geen eredivisietekenaar, maar zijn werk voor De bank ziet er aardig uit, hoewel hij na De tombe van Alexander het goochelen met rare perspectieven nog niet heeft afgeleerd.
Al met al zijn de twee eerste delen van De bank best leuk om te lezen. Of de serie blijft boeien moet nog blijken.
Dargaud 2015
56 pagina's per deel, kleur; softcover; € 9,50

☺☺☺

donderdag 16 april 2015

Visioenen van een boom en ontploffende granaten

EEN VERHAAL (Gipi)
Gipi is zonder twijfel een van de beste Italiaanse stripmakers van het moment. Dat bewees hij al met zijn Aantekeningen voor een oorlogsverhaal en De onschuldigen, maar met Een verhaal (eigenlijk aan elkaar geschreven) heeft hij zijn naam definitief gevestigd.
Het verhaal dat Gipi vertelt is niet eenvoudig, eigenlijk vertelt hij twee verhalen die door elkaar heenlopen en elkaar aan het einde zullen raken. Er is het verhaal van een soldaat die in de loopgraven van de Eerste wereldoorlog brieven schrijft aan zijn vrouw en kind. En er is het verhaal van de schrijver die zijn verstand dreigt te verliezen en steeds opnieuw visioenen heeft van een boom en een tanktation. Natuurlijk ga je als lezer op zoek naar het verband tussen de twee verhalen.
Grafisch is Een verhaal heel sterk. Gipi experimenteert met kleuren en vormen in een stijl die refereert aan onder meer Mattotti's pentekeningen en de strips van Manu Larcenet. Maar oook als verteller is hij gegroeid.
Gipi neemt je mee op een soort trip door de hoofden van een man die zijn greep op de werkelijkheid verliest en een man die moet leven in een werkelijkheid die velen van ons zich maar moeilijk kunnen voorstellen. Dat doe hij op een heel knappe manier. Dit verhaal wortelt stevig in de Italiaanse verteltraditie. En Gipi is een goede verteller die je weet mee te slepen in zijn verhaal. Eenverhaal.
Oog & Blik / De Bezige Bij 2015
128pagina's, kleur;softcover; € 24,95

☺☺☺☺☺

maandag 13 april 2015

Een grimmig verhaal vol onderhuidse spanning

VERMOORD MIJN MOEDER (Jules Feiffer)



Het gebeurt niet elke dag dat een gerenommeerde cartoonist op zijn vijfentachtigste zijn eerste graphic novel publiceert. Jules Feiffer deed het! Feiffer heeft al een lange indrukwekkende carrière achter de rug. Hij publiceert al zo'n zestig jaar cartoons, strips, romans, schreef toneelstukken en filmscenario's en nu dus een graphic novel. Hij won zowel een Oscar als een Pullitzer Prize.
Vermoord mijn moeder is een tamelijk complex en diepgaand verhaal dat van start gaat als een klassieke hard-boiled detective. Het is 1933. Nadat haar man word vermoord, hij was een te eerlijke politieman, gaat Elsie werken als assistente van een privédetective. Op die manier hoopt ze ook de moordenaars van haar man te vinden. Terwijl ze keihard werkt en daarbij haar dochter verwaarloost, heeft de detective meer oog voor zijn vrouwelijke kanten en vooral voor de whiskyfles. Zijn drankzucht leidt ertoe dat de zaak waar hij met Elsie aan werkt volledig uit de hand loopt.

Het tweede deel van Vermoord mijn moeder speelt zich tien jaar later af als de Tweede wereldoorlog in volle gang is. Amerikaanse soldaten worden in het verre land waar ze vechten getrakteerd op entertainment  uit de Hollywoodstudio's. In een andere setting keren de personages uit het eerste deel terug, maar een ding wordt duidelijk: de relatie tussen Elsie en haar dochter is nog slechter dan hij tien jaar daarvoor al was.
Die moeder-dochterrelatie is het belangrijkste thema van dit boek, waarin Feiffer daarnaast nog tal van andere onderwerpen aansnijdt. Vermoord mijn moeder is prachtig getekend, Feiffers personages lijken over de pagina's e dansen in een zwierige stijl die geenszins gedateerd aandoet. Af en toe worden de pagina's wel wat rommelig. De sfeer van het verhaal is grimmig, er zijn geen aardige personages en iedereen lijkt elkaar te haten. De (onderhuidse)  spanning is van de eerste tot de laatste pagina bijna a voelbaar.
Vermoord mijn moeder is wel een taai boek. Wat op de eerste pagina's nog een lekkere detective lijkt, ontwikkelt zich tot een complex verhaal waar je wel je hoofd bij moet houden en dat je niet te snel uit moet lezen. De beloning voor je aandacht is een schitterend verhaal zoals je, net als een debutant van vijfentachtig, niet elke dag tegenkomt.
Scratch 2015
148 pagina's, kleur;softcover; € 21,90 ☺☺☺☺

woensdag 1 april 2015

Opstandige pubers met gierende hormonen

GUNG HO 1: Zwarte schapen (Thomas von Kummant & Benjamin von Eckartsberg) 
Na eerst twee delen te hebben getekend van de stripversie van Kroniek der onsterfelijken droeg Thomas von Kummant de tekenpen over aan Chaiko, om zich helemaal te kunnen concentreren op zijn eigen reeks Gung Ho. Een goede zet blijkt achteraf want de eerste twee delen werden in Frankrijk heel warm onthaald. Dat lijkt in het Nederlandse taalgebied ook te gaan gebeuren.
Het enthousiasme voor Gung Ho heeft niet in de eerste plaats met het basisgegeven te maken; dat is niet zo origineel. Hermann deed het al eerder met Jeremiah en zo kunnen we nog wel een paar voorbeelden noemen. Europa ligt in pijn, de mensheid is geminimaliseerd en wat ervan over is leeft in zogenaamde kolonies. De broertjes Archibald en Zacharias Goodwoody hebben ondanks hun jonge leeftijd al heel wat uitgevreten en worden overgebracht  naar kolonie nr. 16, een kamp waar, afgezien van de leiding, alleen pubers wonen. Ze maken er kennis met de overige bewoners en leren er te overleven in een vijandige omgeving. Daarvoor is discipline nodig en samenwerking. Dat valt niet altijd mee voor een stel opstandige pubers met gierende hormonen. De kolonie wordt van buitenaf bedreigd door de monsterlijke Rippers. Maar het gevaar komt niet alleen van buiten, ook binnen de omheining van de kolonie zijn volop spanningen.
Von Kumant en von Eckartsberg hebben twee troeven in handen waardoor Gung Ho uitstijgt boven de middelmaat en beter is dan andere strips in dit genre. (ja, ook beter dan Jeremiah) Dat is in de eerste plaats het tekenwerk van von Kumant. Hij heeft een bijzondere manier van werken. von Kumant maakt geen gebruik van contourlijnen voor de personages, hij bouwt ze op in kleur. Door de kleur van de personages te laten contrasteren met de achtergrondkleuren bereikt hij een soort driedimensionaal effect.
Ten tweede is er de dikte van het boek, tweemaal de gebruikelijke omvang van een stripverhaal, die het mogelijk maakt om de bewoners van kolonie 16, jonge mensen met al hun problemen en onhebbelijkheden, rustig te introduceren en de spanning op te bouwen. Op  die manier geven ze het verhaal diepgang.
Gung Ho heeft alles in zich om een succesvolle serie (van vijf delen) te worden die ook de jonge lezers van romans en films zoals Gone en Hunger games aan moet spreken.
Gorilla avonturenstrips 2015
88 pagina's, kleur;hardcover; € 14,95☺☺☺☺