zondag 23 juli 2017

Een prima introductie op de nieuwe Spaanse strip

SPANISH FEVER (samenstelling Santiago Garcia)

Na de dood van dictator Franco beleefde het Spaanse stripverhaal een bloeiperiode. Striptijdschriften schoten als paddenstoelen uit de grond, Spanjaarden konden nu ook kennismaken met strips voor volwassenen die voorheen verboden waren en Spaanse stripmakers hoefden niet langer op zoek te gaan naar werk buiten de landsgrenzen.
Er werd veel vertaald, maar het was ook de tijd waarin een nieuwe generatie striptekenaars doorbrak en zelfs internationaal succes zou kennen: Ruben Pellejero, Daniel Torres, Manfred Sommer… Jordi Bernet, die tot dan toe vooral voor Franse en Belgische uitgevers tekende maakte zijn beste strip voor een Spaans stripblad: Torpedo.
Aan die bloeiperiode kwam abrupt een eind aan het einde van de jaren negentig. Net als in de rest van Europa verdween het ene na het andere striptijdschrift en de markt voor volwassen stripverhalen zakte ineen. Jonge stripmakers zagen zich opnieuw gedwongen om buiten Spanje naar uitgevers te zoeken. Er waren er die voor Marvel gingen werken en anderen klopten aan bij Franse uitgevers, in het geval van Juan Guarnido leverde dat een bestseller op: Blacksad. In Spanje zelf werden de stripschappen hoofdzakelijk gevuld met superheldenstrips en manga.
Het tij keerde zo'n tien jaar geleden met de opkomst van de graphic novel. Persepolis van Marjane Satrapi, Palestine van Joe Sacco en Fun Home van Alison Bechdel sloegen ook in Spanje aan. Dat inspireerde een nieuwe generatie stripmakers om ook graphic novels te maken. Het eerste succes kwam in 2007 met Maria y yo van Gallardo en Rimpels van Paco Roca. Van Rimpels werden meer dan 70.000 exemplaren verkocht, het werd in vele talen vertaald en er werd een tekenfilm van gemaakt. Roca werd de voorman van de nieuwe Spaans strip. Het leverde een hoop nieuwe namen op, maar ook een aantal oudgedienden zoals Max (Bardin de surrealist), Miguel Gallardo of Pere Joan zagen nieuwe mogelijkheden in het format van de graphic novel.
Het leverde nu al een aantal klassiekers op zoals El arte de volar van Altarriba en Kim. Er is tot nu toe erg weinig vertaald in het Nederlands, dus het loont de moeite om eens een stripwinkel of de stripafdeling van de FNAC binnen te stappen als je een keer in bijvoorbeeld Barcelona bent, om te zien wat er tegenwoordig aan oorspronkelijk Spaanse graphic novels gemaakt wordt, maar Spanish Fever is alvast een prima introductie. Deze bloemlezing verscheen oorspronkelijk vijf jaar geleden als Panorama in Spanje en werd opgepikt door Fantagraphics in Amerika, dat er een Engelstalige versie van uitbracht. Het is een dikke en kleurrijke bundel verhalen die laat zien dat er in Spanje momenteel erg goede stripverhalen gemaakt woorden met een enorme variatie aan stijlen en thema's.
Fantagraphics 2017; 300 pagina's; paperback, kleur; Prijs $29,99

☺☺☺☺

donderdag 6 juli 2017

Zwart-wit met bloedrode accenten

IK, MOORDENAAR (Keko & Antonio Altarriba)
Altarriba en Keko (José Antonio Godoy) zijn twee van de auteurs die het Spaanse stripverhaal de laatste jaren nieuw leven hebben ingeblazen. Keko brak als tekenaar door in 2011 met La protectora, een bewerking van Henry James' The taming of the shrew. Altarriba schrijft romans en scenario's. Hij oogstte veel lof voor El arte de voler, getekend door Kim (Joaquim Aubert Puigarnau),waarin hij een halve eeuw Spaanse geschiedenis vertelt aan de hand van het leven van zijn vader. Een verhaal van Kim en Altarriba is opgenomen in Spanish Fever.
In het dagelijks leven is Altarriba docent aan een universiteit. Wellicht inspireerde deze omgeving hem tot het schrijven van Ik, moordenaar. De hoofdpersoon van dit boek, Enrigue Rodriguez Ramirez is professor kunstgeschiedenis aan de universiteit van Baskenland. Zijn specialiteit is pijn, lijden en marteling in de westerse schilderkunst, een thema dat hij in zijn colleges verkent aan de hand van het werk van mensen zoals Goya, Munch en Bacon.
Maar het blijft voor Rodriguez niet bij de theorie, hij is zelf ook kunstenaar, een performancekunstenaar zonder publiek. Rodriguez beschouwt het vermoorden van mensen als de puurste vorm van kunst en begaat onopgemerkt de ene na de andere moord. Hij bereidt zijn acties zorgvuldig voor en doodt nooit twee keer op dezelfde manier. Hij werkt zijn moorden zo geraffineerd uit dat hij ongemerkt zijn gang kan blijven gaan. Totdat een collega en rivaal van hem wordt vermoord en hij de eerste verdachte is.
Ik, moordenaar is dus geen whodunit, vanaf de eerste pagina is duidelijk wie de moordenaar is, maar de lezer krijgt in dit in de ik-vorm vertelde verhaal een kijkje in zijn geest, waar gek en geniaal heel dicht bij elkaar liggen. Toch is Ik, moordenaar een spannend verhaal want ontdekking ligt natuurlijk voortdurend op de loer en hoe blijft Rodriguez, hoe geniaal hij ook is, uit handen van de politie? Maar het is niet alleen spannend, het bevat ook schitterende dialogen en mooi tekenwerk. Keka heeft goed gekeken naar de meesters van de zwart-wittekening zoals Will Eisner en Alberto Breccia en bewijst zijn talent met deze gruwelijke graphic novel in zwart-wit met bloedrode accenten.
Scratch 2017; 136 pagina's; hardcover, zwart-wit met rood; € 24,90

☺☺☺☺

zaterdag 24 juni 2017

Een gril van het lot

HIBAKUSHA (Olivier Cinna & Thilde Barboni)
De titel van dit boek verwijst naar een Japans woord voor 'de overlevende van de bom'. Met deze bom wordt de atoombom bedoeld die in 1945 Hiroshima en Nagasaki verwoestte. Deze historische gebeurtenis vormt de achtergrond waartegen Hibakusha zich afspeelt.
Ludwig Mueller is een jonge Duitse vertaler ten tijde van de Tweede Wereldoorlog.  Hij staat op een unt in zijn leven dat hij zijn huwelijk en zijn rol als vader beu is. Dan wordt hij door de nazi's naar Japan gestuurd om er militaire teksten te vertalen. Zijn komst naar Japan betekent een terugkeer naar het verleden, een liefde in het heden en een schaduw naar de toekomst.
Ludwig leert een Japanse vrouw kennen met wie hij een gepassioneerde verhouding begint en waar door de val van de bom een einde aan komt. Maar door een gril van het lot zal het beeld van hem voor altijd in steen gevangen blijven.
Het eerste dat opvalt aan Hibakusha zijn de mooie, krachtige penseeltekeningen van Olivier Cinna, voor wie dit zijn eerste Nederlandse vertaling is. Het is een aangename kennismaking. Het scenario van Hibakusha werd geschreven door Thilde Barboni op basis van haar eigen novelle Hiroshia, fin de transmission. Het is haar eerste stripscenario en het hoogdravende taalgebruik nemen we voor lief, maar haar onervarenheid blijkt vooral uit het feit dat ze erg veel in maar 64 pagina's heeft willen stoppen. Een liefdesverhaal, een verhaal over een man die worstelt met zijn geweten, het verlangen van een vader naar zijn kind, de wreedheid van het militaire apparaat, het is nogal veel voor zo'n beperk aantal pagina's.
Dat het verhaal desondanks overeind blijft en indruk weet te maken is vooral te danken aan het mooie tekenwerk van Cinna.
Dupuis 2017; 64 pagina's; hardcover, kleur; € 17,95

☺☺☺

zondag 18 juni 2017

Een eerbetoon aan de schilderkunst

VERSTILD LEVEN (Oriol & Zidrou)
In Verstild leven voeren Zidrou en Oriol de kunstschilder Vidal Balaguer (1873-1899) ten tonele, een tijdgenoot van onder andere Picasso, die einde negentiende eeuw in Barcelona actief was. Hij maakte een stormachtige carrière waar plotseling een einde aan kwam. Balaguer weigerde vaak om zijn werk te verkopen en daarom is er niets van hem terug te vinden in musea. Hijzelf verdween zonder een spoor achter te laten in 1899.
Voor die plotselinge verdwijning geeft Zidrou een magisch-realistische verklaring. Met zijn penseel laat Balanguer verdwijnen wat hij heeft geschilderd. Daar komt hij achter als een van zijn modellen verdwijnt en de politie een onderzoek instelt.
Zidrou en Oriol schetsen een mooi beeld van het artistieke milieu in Barcelona rond de eeuwwisseling dat zich grotendeels afspeelt in Els Quatre Gats, de kunstenaarssociëteit waar de modernisten samenkomen. Oriol (De huid van de beer, Drie vruchten) heeft zich helemaal uitgeleefd op het artwork dat een eerbetoon is aan de schilderkunst. Het levert een prachtig boek op.
Maar dat niet alleen. Het is ook een geslaagde grap. Wie op zoek gaat naar Balaguer via Google komt al snel terecht op een fakepagina van Wikipedia. Balaguer heeft nooit bestaan, maar werd bedacht door Zidrou en Oriol. Dan blijkt Verstild leven de biografie te zijn van een fictief personage. Maar wel een mooie. Knap gedaan.

64 pagina's; hardcover, kleur; € 17,95

maandag 12 juni 2017

Een uitvreter in huis

DE ZWERVER (Maarten de Saeger)
In mei 2015 debuteerde Maarten de Saeger met Mijn begrafenis, een knap gemaakte graphic novel met een verrassende plot. Krap twee jaar later is er zijn tweede boek De zwerver. Verwacht net als in Mijn Begrafenis geen sympathieke hoofdpersonen. Het verhaal draait om Ines, een neurotische vrouw die ieder uur van haar leven inplant en voor wie alles op de juiste plaats moet staan. Hannes is een slome sul zonder een greintje eigen initiatief. En tot slot is er de zwerver, een uitvreter.
Tot grote verrassing van hun kennissenkring worden Ines en Hannes een stel en gaan ze samenwonen. Maar al na korte tijd komt Ines erachter dat ze niets meer om Hannes geeft. Dat vertelt ze hem en vervolgens kan Hannes vertrekken. Hannes probeert elders een eigen leven op te bouwen net als zijn ex, maar hij kan haar niet vergeten en zoekt troos bij een opblaaspop. Ines is intussen in een klein huis buiten de stad gaan wonen. Alleen. Tot ze op een dag de zwerver ontmoet. Hij is behulpzaam, klust voor Ines in haar huis, strooit met mystieke wijsheden en is niet van plan om het huis van Ines nog te  verlaten. Hij dringt zich aan haar op en als de situatie haar steeds meer gaat benauwen belt Ines haar ex en vraagt hem om hulp. Maar kan deze slappeling wel op tegen de zwerver of valt hij ook aan hem ten prooi?
Met De zwerver heeft Maarten de Saeger opnieuw een knap verhaal gemaakt over elkaar wederzijds  aantrekken en afstoten. Serieus en ook licht absurdistisch. Hij gebruikt een eenvoudige tekenstijl met minimale decors en zonder overbodige details zodat niets de aandacht afleidt van het verhaal.
Uitgeverij Bries; 176 pagina's; paperback, zwart/wit; € 20,00

☺☺☺☺

donderdag 1 juni 2017

Op zoek naar het hart van een trol

KLEINE BROER (Øyvind Torseter)


Twee jaar geleden verraste de Noorse illustrator Øyvind Torseter met Het Gat, een boek met een gat erin, waaromheen hij een verhaal opbouwde. Het grappige mannetje dat in dit verhaal de hoofdrol speelde keert terug in Kleine Broer.
Torseter baseerde zijn verhaal op een Noors sprookje van Asbjørnsen en Moe, de Noorse gebroeders Grimm, zeg maar. Kleine Broer is de zevende van vier kinderen. Zijn zes oudere broers zijn gevangen door een trol en in steen veranderd. Om zijn broers te redden moet hij het hart van de trol vernietigen. Er is echter een probleem: het hart van de trol bevindt zich niet in diens lichaam. Maar waar het dan wel is? Kleine Broer gaat op zoek naar het hart en krijgt bij zijn speurtocht gelukkig hulp van een prinses.
Kleine Broer is een heerlijk boek voor jong en oud dat vol staat met humoristische tekeningen, veel details, mooie vondsten en geestige dialogen. Het artwork is minder sober dan in Het gat. Sterker nog, Torseter heeft alle registers opengetrokken om van elke pagina een kunstwerkje te maken. Het boek is bovendien heel mooi uitgevoerd.
De Harmonie 2017;120 pagina's; ugebonden, kleur; € 24,90
☺☺☺☺


maandag 29 mei 2017

Een dagje naar het strand

LEVE DE BRANDING! (David Prudhomme & Pascal Rabaté)
Ieder jaar als de zon begint te schijnen en de temperatuur stijgt doet zich een merkwaardig verschijnsel voor: de trektocht naar het strand en de zee. Massaal trekken de mensen naar de kust in volgepakte auto's, die stilstaan of vooruit kruipen in de file. Of ze reizen dicht opeengepakt in stampvolle treinen. Allemaal met één doel: een paar uur genieten van warm zand, zout zeewater en een brandende zon. Bizar gedrag dat zich voordoet in  Nederland en België, maar ook in Frankrijk.
Als twee striptekenende cultureel antropologen beschrijven David Prudhomme en Pascal in Leve de Branding! zo'n dag aan het strand van het fictieve Franse kustplaatsje Poloyas. Het begint met de reis er naar toe. Een lange stroom auto's gaat op weg… en komt even later tot stilstand. Maar eindelijk is er dan het strand. Moeder vraagt zich af of ze topless gaat en vader houdt zijn buik in als hij langs het naaktstrand loopt. Er wordt gezwommen, gespeeld, geflirt, er worden zandkastelen gebouwd…
Met veel liefde en humor tonen Prudhomme en Rabaté een mooie dag in het leven van een willekeurige groep mensen. Het verhaal is knap gecomponeerd als een soort collage. Verschillende mensen gaan los van elkaar naar het strand en hun belevenissen worden gevolgd, maar soms raken al de verschillende verhaallijnen die ze meenemen elkaar en dan ontstaat er iets moois.
Leve de branding! is een kostelijk boek dat een kijkje biedt in een kleine badplaats en alle types die je daar tegenkomt. Ze drijven er de spot mee, maar doen dat met zoveel liefde dat het verhaal tegelijk ook een soort hommage is aan de strandvakantie. Een erg leuk boek.
 Scratch 2017; 120 pagina's; hardcover, kleur; € 24,90

☺☺☺☺